Hoe aikido paradoxen leert verdragen

Aanvaller en verdediger, oftewel uke en tori, lijken voor ons in de eerste instantie tegenpolen. Net als goed en kwaad, warm-koud, probleem-oplossing, in-uit, man-vrouw, alleen-samen, bewust-onbewust, schaduw-licht et cetera. Dat is interessant want bij ‘tegen’ lijkt het alsof er een beter is dan de ander. Of dat er een mag zijn en de ander niet. Waarom heeft de grondlegger van aikido dan het wedstrijdelement uit onze vechtkunst gehaald? Wat is dan eigenlijk het doel van het beoefenen van aikido, als het er ons niet om gaat te winnen? Wat zijn we dan eigenlijk aan het leren? Kan je er ook naar kijken als ware het geen tegenstellingen? Ze te zien als een geheel? Vanuit de tijd gezien, lineair of causaal, dan zit er een volgorde in. Het een komt na het ander. Het gaat er dan vooral om ‘wanneer’ de oplossing komt als een ‘probleem’ zich aandient. De duurtijd ertussen genereert dan spanning. Het omgaan met dat ongemak, dat gevoel dat de oplossing er nog niet is, dat is dan het werk. Hoe ga je daarmee om? Ga je dat etaleren door te klagen? Of reageer je dat gevoel af naar anderen waar je je machtiger over voelt?

Ergens trof ik een keer een prachtig plaatje in een boek wat mij een geweldig inzicht gaf. Soms heb je dat ineens. Door dit plaatje veranderde mijn kijk op een heleboel zaken. Het was een rechthoek die werd doorkruist met een cirkel. Vanuit de rechthoek gezien (lineair) kan je lopen van kruispunt één naar kruispunt twee. De snelheid en/of de tijd zou dan maken dat je van het ‘probleem’ bij de ‘oplossing’ zou komen. Dat duurt voor ons gevoel altijd te lang. De duurtijd die daar tussen zit, genereert stress. Vanuit de cirkel gezien echter is de oplossing er al; het is helemaal geen tegenstelling, want de oplossing ligt al lang ergens anders te wachten. Alleen deze is nog niet op ons pad gekomen. Het lijkt dus vanuit tijd gezien wel een tegenstelling maar vanuit de cirkel gezien, vanuit de heelheid die het ook is, is het een onlosmakelijk onderdeel van de andere kant. Je kunt het dus ook niet verwijderen of opheffen, want het ene kan simpelweg zonder het andere niet bestaan. In het college van Jacob Slavenburg trof ik een prachtig stukje over het kwade. “Je moet de wortel van het kwade niet afhakken, want dat woekert het onder-de-grond ergens anders verder.”

“Ontkenning is dus fout, want als je het niet weet, dan kan je het ook niet beheersen. Echter, als je het leert kennen dan kan je er vrede mee sluiten.” Het is dus niet zozeer dat het er is, maar veel meer hoe je ermee omgaat. Het gaat dus vooral om het beheersen van je innerlijke chaos, waarbij je traint om het overlevingssysteem geen automatische stuurvoorrang te geven. Het gaat het erom het van de eerste scherpte te beroven. Daarna door de eenheid ervan te leren ervaren. Er in een cirkel beweging mee om te gaan. Het leren dragen van deze paradox is voor de aikidoka de ongewone taak of het werk. Dit deel gaat dus niet zozeer over het lichaam, maar veel meer over de ziel. Als het je lukt dit te trotseren, dan kun je bewuster kiezen wat te doen. Soms ineens lijkt het probleem als sneeuw voor de zon te verdwijnen. Je doet dan haast niets. Het is dan gelukt om geen bezwaar te maken tegen dat wat er is, maar je hebt het direct leren accepteren. Het liefst zouden we er natuurlijk uitlopen. Vluchten, een gedachte die haast altijd wel even langskomt. Echter vervolgens alleen om vaak achteraf dan te constateren dat we onszelf in datzelfde moment verlaten hebben.

Als je echter met jezelf voor elkaar krijgt om erin te blijven, dan praten we over karaktervorming. Je hebt dan de tegenstelling leren incasseren. Dat is mijns inziens wat wij constant onbewust doen in aikido: het leren sterken van je persoonlijkheid door paradoxen toe te laten van binnen. Problemen kunnen nooit opgelost worden, je kan ze alleen overstijgen. Dat gaat dus niet om het verslaan van iets, maar veel meer over het leren overvleugelen ervan. Het verhogen van het bewustzijnsniveau door er op een andere manier naar te kijken. Jezelf te verdragen in het moment, niet stil te vallen of je te laten gaan, maar beheerst doorgaan terwijl we zoeken. Het probleem kan alleen worden opgelost door een veranderende houding of levensinstelling. Carl Jung schrijft hierover ergens: “als je erin zit dan onweert en bliksemt het heftig, maar als je op de berg staat dan kijk je naar dat natuurgeweld daar beneden.” Het is precies dat, wat we trainen. Aikido gaat over het bereiken van die eenvoud van zijn, waar tegendelen samenvallen tot harmonie. Wij werken aan deze attitude om te leren dragen, tot we de eenheid ervan bewust ervaren.

2017-09-09T15:05:01+00:00 30 juni, 2017|Nieuws|